Hoe de auto de stad opnieuw verandert: deel 1

Vier wielen en een stuur. Al bijna honderd jaar gebruiken wij de auto op exact dezelfde manier. Voor werk, vakantie of de boodschappen. De auto bepaalt ons gedrag. Dit gedrag beïnvloedt hoe wij steden gebruiken en vormgeven. Hoe wij straatprofielen ontwerpen en hoeveel woningen wij op plekken mogen bouwen. Dat de autosector in beweging is weten we allemaal. Op de radio hoorde ik mensen spreken van incrementele innovatie in de auto-industrie. Maar wat betekent dat precies? Gaat de auto ons stedelijk denken veranderen? Wat betekent dit voor de toekomst van onze steden? In deze driedelige blog licht ik de drie belangrijkste mobiliteitstrends toe in relatie tot stedelijke ontwikkeling. Deze week deel 1.

All Electric
Op alle grote autobeurzen roepen autofabrikanten tientallen miljarden uit te geven aan de elektrische adaptatie van hun wagenparken. De komende jaren wordt fors geïnvesteerd in de ontwikkeling van het elektrisch rijden. De populariteit van elektrische auto’s is nu nog sterk afhankelijk van fiscale prikkels. Wanneer de total cost of ownership van een elektrische auto echter lager wordt dan een traditionele diesel of benzine, is de verwachting dat het productieaandeel elektrische auto’s in rap tempo toe zal nemen. Tot mijn vreugde kleuren elektrische auto’s langzaam maar zeker het straatbeeld. Fraai of niet, laadpalen schieten als paddenstoelen uit de grond. Er ontstaat zo een nieuwe infrastructuur van stopcontacten in de openbare ruimte.

Parallel aan de autosector is ook de vastgoedsector aan een energietransitie begonnen. We moeten van onze gasverslaving af. Dat betekent nieuwbouwwoningen zonder gasaansluiting en in de toekomst volledig van het gasnet ontkoppeld worden. Elektriciteit gaat een grotere rol spelen in onze huishoudens. Zonnepanelen en windmolens winnen langzaam aan populariteit. Met mooie innovaties als energieopwekkend glas, geven jonge ondernemers de energietransitie een duw in de rug.

Weersomstandigheden hebben veel invloed op de opbrengst van groene stroom. Als je zonnepanelen op je dak hebt liggen, mag je stroomoverschotten (door subsidies) nu nog kosteloos terug leveren aan het net. Mijn verwachting is dat die regeling in de toekomst afgebouwd zal worden. Misschien belangrijker is hoe stroomtekorten aangevuld worden. De elektrische auto kan hierin een cruciale rol spelen. Slimme laadpalen laden auto’s niet alleen op, maar kunnen ook energie terug leveren aan het net. De accu’s vullen zich met stroomoverschotten of tijdens de goedkopere daluren. Daarmee kunnen ze tijdens piekuren huizen van stroom voorzien. Het resultaat: een slimme samenwerking van energieopslag en -gebruik tussen auto en gebouw.

Bij een enkel huishouden zal de impact verwaarloosbaar zijn, maar ik ben ervan overtuigd dat dit op grote schaal de onregelmatige aanvoer van groene stroom kan stabiliseren. Steden moeten investeren in een slim lichtnet. Energiemaatschappijen in de aanpassing van hun bedrijfsmodellen. Het opslaan van stroom geeft de burger meer controle over het aanbod van elektriciteit (power to the people). Zo worden we langzaam zelfvoorzienend en kunnen we steden verduurzamen met dank aan onze vertrouwde bolides.

Binnenkort deel 2: stay connected

Door: Jan Stoop

More from the author